De kidsclub
“Ik
ken al die spelers niet.” “Nee, ook de keeper
niet!” “Huntelaar? Ken ik niet. Maduro?
Ken ik ook niet, maar ik weet wel dat als hij straks
op goal schiet en hij mist de bal, dan ga ik roepen
hé Madurodam! Snap je ‘m?” Aldus
m’n neefje Marijn, die voor het eerst in z’n
leven naar Ajax gaat. We proberen ‘m in Leentje
een beetje voor te bereiden, maar hij kent de spelers
van Ajax duidelijk nog niet allemaal: “Nee, vind
je het gek, er zit meer verloop in de spelersgroep van
Ajax dan in de schoenenkast van Estelle Cruijff!”
“Dat komt allemaal doordat ze in het begin van
het seizoen té hard hebben moeten trainen. Nu
zijn ze allemaal op.” “Ach hou nou toch
op! Eén weekje hard trainen in juli en dan nú
nog last?” “Je vergeet waarschijnlijk dat
het gros van die jongens een jaar geleden nog een middagslaapje
deed.” Als de groep compleet is valt op dat we
erg veel kinderen bij ons hebben vandaag: “Het
lijkt hier wel de Ajax kidsclub!” “Nou,
aan onze jeugdopleiding zal het niet liggen vandaag!”
Eenmaal
in de ArenA slaan we direct aan het rekenen: “Maar
als wij nou winnen vandaag en PSV wint niet van Groningen,
dan worden ze dankzij ons kampioen?” “Ja,
maar met een beetje geluk worden we tóch nog
vierde en kunnen we Feyenoord mores leren!” Marijn
kijkt intussen zijn ogen uit: “Nou, het valt me
op dat er zo weinig mensen zijn. Op TV zie je er altijd
veel meer.” “Dat klopt, daar zie je tweede
ring ook niet.”
Als de wedstrijd begint zijn we onder de indruk van
het eerbetoon aan Van Gaal: “Dat sfeervak doet
tegenwoordig echt alles om de wedstrijd te beïnvloeden.
Ze hopen nu zeker dat Van Gaal een paar domme wissels
doorvoert.” “Nou, ik vind het trouwens wel
raar dat Van Gaal het steeds over zijn club heeft en
dan Ajax bedoelt. Ik kan me niet voorstellen dat Dicky
Dick daar blij mee is.” “Weet je wát
lullig is? Van Galen speelt mee met AZ, maar uitgerekend
vandaag hebben we niet Luinge als scheids!” “Over
scheidsrechters gesproken, wie is dit?” “Vink.”
“O als Blind dan straks boos wordt op Vink, dan
weet ik wat hij beter niet kan zeggen.” “Wat
dan?” “Nou, je hebt Blind en je hebt Vink,
deze grap mogen jullie zelf afmaken.”
Na
een half uur scoort Boukhari en zijn we helemaal door
het dolle: “Wat kost die gozer? Kunnen we die
niet kopen?” Maar AZ begint steeds meer druk te
zetten en vooral in de tweede helft zitten we met samengeknepen
billen op onze stoel: “Wat een kansen, gelukkig
doet Perez er echt alles aan om niet te scoren.”
Marijn kan het allemaal prima volgen, alleen snapt
hij de wissel van Blind niet: “Maar die nummer
28 had toch net gescoord? Waarom moet hij er uit dan?”
“Hij heeft last van een Marokkaanse zweepslag.”
“Nee, hij heeft last van z’n kamelenbeet.”
Op de weg terug horen we het nieuws dat Utrecht verloren
heeft: “Nou, dan komt Feyenoord wel héél
dicht bij.” “Precies, nou tot woensdag.
Enne Jeanet heeft net gebeld uit Leentje, er is een
grote controle op station Wibautstraat, dus als je te
weinig hebt gestempeld op je tramkaart, ga er dan op
Amstel uit.” En met die wijze raad verlaten we
tijdig de metro. Bedankt Jeanet! |