Ophokplicht
“Hebben
jullie die freestyle skiër gezien? Hij sprong de
lucht in, maar had z’n ski’s niet goed vastgemaakt.”
“Ja, wat een klap was dat!” Uiteraard zijn
de Olympische winterspelen het gesprek van de dag aan
de stamtafel in café Leentje: “Van de week
zag ik Marianne Timmer op TV. Ze vertelde het verhaal
dat de ijzers van haar schaatsen al een paar jaar te
kort zijn. Op een gegeven moment zei ze letterlijk ‘het
is niet heel erg, maar ja, ik kom wel 3 centimeter te
kort’.” “Haha, heb ik ook gezien,
ik zou heel graag de volgende ochtend in de kleedkamer
van AZ willen zitten. Ik denk dat Henk helemaal gek
is gemaakt.” “Ja, zelfs als ze vandaag goud
wint is hij niet blij, hij had liever zilver gehad en
dan niet die opmerking van Marianne.” En terwijl
Bert Polis al in hogere sferen geraakt, nadat de naam
Timmer gevallen is, vindt John Gruter het nodig om van
onderwerp te veranderen: “Wat vonden jullie van
die Ethiopische langlaufer? Die had z’n broers
onder z’n voeten.” “Ja, en hij had
gewachst met woestijnzand.” “Wachsen is
héél belangrijk, als je de verkeerde wax
gebruikt glij je voor geen meter.” “Nee,
maar je haar zit wel strak.”
Tijd voor Bert om het onderwerp weer terug te brengen:
“Wisten jullie dat Henk en Marianne Timmer elkaar
maar 30 dagen per jaar zien?” “Máár
dertig, nou ik teken er voor!” “Precies,
dat is toch nog een hele maand per jaar.” “Maar
genoeg over Marianne Timmer, wie was dat meisje die
gisteren naast Chad Hedrick zat?” “Die zag
er erg appetietelijk uit!” “Dat meisje met
die klapkauwgom? Ik zou het niet weten, maar het leek
erop dat ze ook lid van de Amerikaanse ploeg is.”
“Dan is ze vast de keepster van het ijshockeyteam.
Die herken je anders ook niet.”
In
de metro gaat het gesprek over de sluiting van het supportershome:
“Ik vind het helemaal terecht, als er in een kroeg
zoveel wapens en drugs worden gevonden dan wordt deze
toch ook gesloten?” “Ja, natuurlijk is het
lullig, maar zoals gewoonlijk moeten de goeden onder
de kwaden lijden.” “Hebben jullie trouwens
burgemeester Deetman nog gezien vorige week? Hij vertelde
dat een aantal ADO fans in hun clubhuis aan het bridgen
waren! En ik maar denken dat bridge een elitaire sport
was? Eerst die ontvoerders van Claudia Melchers, en
nu weer dit!”
Als de wedstrijd begint heeft John een vraag: “Waarom
laat Blind die Trabelsi nog meespelen? Hij gaat toch
weg?” En terwijl John deze vraag stelt, stoomt
Trabelsi naar voren, geeft een afgemeten voorzet, die
feilloos tot doelpunt wordt verwerkt door Huntelaar:
“Nou, daarom Johnny! Snap je het nu?” Dus
richt John zijn pijlen maar op iemand anders: “Wordt
die linksbuiten van RBC gesponsord door de Efteling?”
“Hoezo?” “Met die nichterige gouden
voetbalschoentjes van ‘m?” “Nou, pas
maar op, want het team van de Efteling heeft van de
week wél gewonnen van Ajax!”
En terwijl de wedstrijd voort kabbelt is het tijd om
een nieuw onderwerp aan te snijden: “Ik voel me
trouwens kiplekker! Ik snap niets van die ophokplicht.”
“Ja, geldt die ophokplicht eigenlijk voor alle
vogels?” “Ik hoop het, dan zijn we voorlopig
af van Hans Kraay.” “Junior én senior!”
“Marciano Vink en Walter Meeuws.” “Hans
Eijsvogel, Robbie de Kip en Marcel Valk.” “Jack
de Gier.” “Frans Adelaar en Conny Mus.”
“Roelof Luinge.” “Luinge???”
“Ja, dat is ook een rare vogel.” “Pino.”
“Ja, maar die moeten ze eerst in stukken zagen.”
“Alle meisjes die Merel heten.” “O,
dan ga ik de naam van mijn vriendin veranderen.”
“Hoe heet die linksbuiten met z’n gouden
sloffen eigenlijk?” “Woopy Goldberg!”
“O ja, Arent-Jan Glas moet ook in z’n bobslee
blijven.” “Patrick Zwaanswijk.” “Jaap
Uilenberg.” Intussen loopt Ajax uit tot een comfortabele
voorsprong, hoewel we nog niet helemaal tevreden zijn.
Vooral Rosales kan ons niet bekoren: “Dat is al
weer de derde slechte voorzet. Ik begin steeds meer
te begrijpen dat ze vroeger in Argentinië mensen
uit helikopters gooiden.”
Diep in de tweede helft komt Ajax echt op stoom en
zien we zowaar mooie acties, balletjes door de benen,
strakke passjes en mooie goals: “Kan iemand me
even in m’n arm knijpen? Ik kan het niet geloven.”
De gokpot dreigt naar Bert Polis te gaan, hij had immers
5-0 voorspeld, maar hij roept het leed over zichzelf
af door een paar minuten voor het einde te vertrekken:
“We rekenen straks wel af goed?” Maar het
zit onze Lam-Bert niet mee, Ajax scoort nogmaals en
pot blijft staan.
Terug in Leentje zijn we precies op tijd voor de 1000
meter, Polis is bij voorbaat al helemaal door het dolle:
“Ik voorspel een Hollands trio op het podium!”
“Dat is goed Bert, als jij daar maar niet aan
mee gaat doen!” Uiteindelijk wint Timmertje op
magistrale wijze en zijn we helemaal door het dolle:
“Jongens wat een dag, eerst 6-0, nu dit. Zul je
zien dat als ik straks thuiskom, dat m’n vriendin
in ene cup D heeft!” |