“Ik ben er niet bij vandaag. Had gisteren een date en gaan zo bij dr moeder langs. Veel plezier.” Ontvanger selecteren, Bert Polis, John, Michaël, Peter Eland en ik klik op verzenden. Terwijl dit bericht m’n mobiel verlaat zeg ik tegen m’n zus: “Nou, let op, daar komen de reacties.” En inderdaad, binnen de minuut regent het inkomende berichten: “Wat? Dan ga je toch een andere keer?” “Hoezo, er zijn vandaag toch geen scholen open?” “Wat ben jij een slappeling!” “Heeft ze geen zoon die mee wil dan?” Die laatste stuur ik direct antwoord: “Nee, die moet hockeyen vanmiddag.” En dat laatste gaat Peter te ver, hij belt direct op: “Ben je nou helemaal gek geworden? Kom je echt niet?” “Ja, natuurlijk wel.” “O, haha, ik schrok al. Maar had je wel een date?” “Nee, ik had feest van m’n zusje, ga zo naar het station.” “Waar woont ze dan?” “In Arnhem.” “Nou, wens ze daar veel succes vandaag, dan worden we misschien wél kampioen vandaag!”
Inderdaad best raar om in de stad van Vitesse op de trein te stappen richting Amsterdam. Als ik op het perron loop, stopt er een trein die vol met PSV fans zit. Voor ik het weet staan er tientallen fans om me heen wijzend naar m’n AFCA muts: “Je bent zeker verdwaald?” “Nee, hoor. Ik ben op weg naar Amsterdam, maar ik dacht ik neem de schaal vast mee.” “Nou, dat zou zomaar kunnen, we hebben er weinig vertrouwen in.” “Nou jongens, veel succes vandaag, jullie zullen het nodig hebben!” En opgelaten (en opgelucht) stap ik op de trein richting Amsterdam. Als die lampen er al geen vertrouwen in hebben? Het zal toch niet?
Eenmaal in Leentje is de ontvangst uitgelaten: “Ja, ik kon me al niet voorstellen dat je uitgerekend vandaag niet zou komen.” Uiteraard is iedereen zichtbaar gespannen en opgewonden, de poule levert alleen maar positieve uitslagen op. Op eentje na, een kennis van Peter denkt dat het 0-0 wordt: “Zul je zien dat PSV verliest en Ajax die bal er maar niet inkrijgt!” “Jezus ja, dat zou me inderdaad niets verbazen. Stel je voor!” “We spelen vandaag een dubbele poule, je moet ook de uitslag van Vitesse voorspellen.”
“Nou, volgend jaar worden we sowieso kampioen.” “Hoezo?” “Nou, heb je de brief nog niet binnen? Ik sta volgend jaar op 10!” “Ja, ik ook! Dat zal wel druk worden op het middenveld.” Dan komt als laatste opa Bert binnen: “Ha die Bert, nog gefeliciteerd met je kleinkind. Heb je net getennist of gegolfd?” “Of afgegolfd?”
Tijd om naar de ArenA te gaan.
In de ArenA valt de stemming ons wat tegen: “Ik heb er toch niet echt een kampioensgevoel bij, volgens mij gelooft niet iedereen er in.” En inderdaad, de stemming is wat mat, alsof het naderend onheil een beklemmende deken over het stadion heeft gelegd. Ajax komt eenvoudig op voorsprong en loopt voor rust uit tot een rustgevende 3-0, maar nog steeds geen goed nieuws uit Arnhem: “Vitesse had al lang voor moeten staan, nu gooit PSV de boel helemaal op slot.” En inderdaad, vlak na rust gebeurt het onvermijdelijke, PSV scoort en we beginnen steeds meer te wanhopen. PSV houdt stand en we verlaten gedwee het stadion.
“Weer geen kampioen, weer een jaar narigheid!” “Ja, laten we er daar maar eentje op nemen.” “Tot volgend jaar!” Ja, tot volgend jaar…
|
 |